Vitamines

Vitamines komen uit de levende natuur en kunnen door sommige planten of dieren zelf gemaakt worden. Vitamines zijn onmisbaar voor het lichaam; ze zijn belangrijk voor een goede gezondheid. Ze spelen een rol bij de groei, het herstel en goed functioneren van het lichaam. Het lichaam maakt ze niet of onvoldoende zelf en ze zullen door de voeding en waar die te kort schiet door supplementen tot ons genomen moeten worden. Van vitamines hebben we, afhankelijk van het type vitamine, elke dag enkele microgrammen tot grammen nodig. De behoefte aan vitamine C is bijvoorbeeld hoog. Om voldoende vitamines binnen te krijgen, is het vooral belangrijk om voldoende en gevarieerd te eten. Maar door de afname van de vitamines in de voeding door o.a. moderne landbouwtechnieken is de hoeveelheid vitamines in de voeding sterk afgenomen. Biologische dynamische voeding heeft wel de gewenste hoeveelheid vitamines.

Belangrijk is wel dat vitamines goed worden opgenomen vanuit de darmen in het bloed. Een slechte spijsvertering kan er voor zorgen dat de vitamines niet worden opgenomen. Daarom is het ook heel belangrijk dat de spijsverteringsorganen goed functioneren; de conditie van de darmen spelen hierin een hele belangrijke rol.

 

Er zijn dertien vitamines: vier vetoplosbare (A, D, E en K) en negen wateroplosbare (B1, B2, B3, B5, B6, B8, foliumzuur, B12 en C). De vetoplosbare vitamines zitten voornamelijk in het vet van voedingsmiddelen en kunnen in de weefsels van het lichaam worden opgeslagen. De wateroplosbare vitamines zitten in het vocht van voedingsmiddelen. Het lichaam kan de wateroplosbare vitamines (met uitzondering van B12) niet goed opslaan.

 

Bij het bereiden van eten gaan vitamines verloren. Bijvoorbeeld door te lang koken of te koken in teveel water kan de het gehalte aan vitamine C en foliumzuur sterk teruglopen. In gesneden, gepureerde of uitgeperste producten gaat vitamine C verloren bij blootstelling aan de lucht. Daartegenover staat dat het lichaam vitamines uit gesneden en gekookte groente gemakkelijker opneemt. Dat geldt ook als je groente goed kauwt. Ook door het te lang bewaren van eten gaan vitamines verloren.